Online Begraafplaatsen 3.0
BeginCrematorium De Ommering Spijkenisse

Crematorium De Ommering, Oprelseweg 3, 3202 LD Spijkenisse

Begraafplaats:
Crematorium De Ommering
Adres:
Oprelseweg 3
 
3202 LD Spijkenisse
Gemeente:
Nissewaard
Provincie:
Zuid-Holland
Coördinaten:
51,86042 4,299403
Status:
Onvolledig, vrijwiliger gezocht
Aantal graven:
Aantal personen:
Meest voorkomende namen:
Gottschall (2x), Poldervaart (2x), Roest (2x), Sagius (2x), de Geus (2x), de Leeuw (2x), de Wit (2x), van Doorn (2x), van Eck (2x), Eckstein (1x)

We zoeken nog een vrijwilliger die foto's wil maken op deze begraafplaats.

Algemene Informatie

Crematorium "De Ommering."

Het crematorium "De Ommering", van de coöperatieve uitvaartvereniging Dela, is gelegen naast de Gemeentelijke Algemene Begraafplaats "De Ommering" aan de Oprelseweg 3 te Spijkenisse.

Het geheel ligt op een unieke locatie in het groene gedeelte van die plaats. Vanuit het gebouw kijkt u uit over de groene omgeving met een schitterende waterpartij.



Het crematorium heeft een eigen strooiveld, waarbij de de mogelijkheid bestaat een gedenkplaatje voor de overledene(n) te bevestigen.









Crematorium "De Ommering" heeft een ruime aula, een intieme familiekamer
en twee condoleanceruimten, waar u op een persoonlijke manier afscheid kunt nemen van de overledene(n). In het gebouw is aandacht besteed aan een warme, huiselijke sfeer.







Naast het houden van een afscheidsdienst gedurende de dag is er ook ruimte voor rouwbezoek in de avonduren.






















Direct naast het crematorium bevindt zich het Columbarium (Urnenmuur), waar
de urn(en) met as van de overledene(n) kan/kunnen worden geplaatst.
De as kan ook verstrooid worden op het bij het complex behorende strooiveld, er zijn ook andere manieren van verstrooien b.v. op zee of vanuit een ballon, enz. De urn(en) kan/kunnen ook begraven worden in de speciale urnentuin.


Geschiedenis van Spijkenisse.

Het gebied waar Spijkenisse nu ligt wordt al zeer lang bewoond. De eerste sporen van bewoning dateren van ongeveer 10.000 jaar geleden. Toen leefden er vissers (steurvangers) en jagers in het moerassige gebied. Rond 2500 v. Chr. leefden er mensen op een oeverwal van de kreek bij Hekelingen, die behoorden bij de zgn. "Vlaardingse cultuur." Na het dichtslibben van de kreek vertrokken ze naar elders. De oeverwal, gelegen in de wijk De Akkers-Vriesland bestaat nog steeds en wordt beschermd als archeologisch monument.
In de IJzertijd vestigden er zich boerengezinnen. Ze hielden schapen, geiten,koeien, varkens en paarden. Er werd gejaagd op elanden, reeën en edelherten. In de kreken ving men vis en er werd wat landbouw beoefend. In de Romeinse tijd ontstonden er handelsbetrekkingen tussen de lokale bevolking en de Romeinse soldaten. Diverse voorwerpen daarvan zijn teruggevonden in een grafveld in het Hartelpark. Daar zijn ook resten aangetroffen van zes boerderijen uit de 10de eeuw.In de 12de eeuw was er sprake van grote overstromingen, hierdoor ontstond het Haringvliet.
Het oudst bekende huis van Spijkenisse is waarschijnlijk gebouwd tussen 1180 en 1190. Met wanden van gestapelde plaggen en een rieten dak gestut door boomstammen met in het midden een gat als schoorsteen.

De naam Spickenisse treft men voor het eerst aan in een bron uit het jaar 1231. De naam komt vermoedelijk van Spieke (spits) en Nesse (neus). Een spits uitstekend stuk land langs de rivier. Spijkenisse is ontstaan als een boeren- en vissersgemeenschap aan een kreek van de Oude Maas. Op de noordoever vormde zich een woondijk, de huidige Voorstraat. De huizen, de akkers en een stenen kerkgebouw daar omheen groeiden uit tot dorpskern. De middeleeuwse Oude Kerk en het Marktplein bestaan nog steeds, evenals de molen aan het Noordeinde.

Bestuur, wapen en vlag.

Zeggenschap over het grondgebied van het huidige Spijkenisse had de heer van Putten. De vroegst bekende heer was Hugo van Voorne, toen hij stierf erfde zijn dochter de heerlijkheid Putten. Zij was getrouwd met Jan Persijn, die naar alle waarschijnlijkheid de gebieden rond Poortugael en de tol van Geervliet beheerde. Door de erfenis van Hugo van Voorne kwamen deze gebieden in één hand. Jan Persijn ging zich Jan van Putten noemen, in 1299 opgevolgd door zijn zoon Nicolaas.

Het wapen van de heren en vrouwen van Putten werd later het gemeentewapen van Spijkenisse ( De kroon op het wapen werd later toegevoegd.)
De vlag, drie horizontale banen, van boven naar beneden : blauw, wit, geel,
is daarvan afgeleid.

De familie van Putten beheerde het gebied tot 1459. Toen ging de heerlijkheid over naar Philips van Bourgondië, vervolgens over in de grafelijkheid en in 1581 naar de Staten van Holland. De heren en vrouwen van Putten bestuurden op een gegeven moment niet meer zelf de heerlijkheid, maar lieten dit over aan een plaatsvervanger, de ruwaard. Deze functionaris is te vergelijken met een baljuw in andere streken.
De ruwaard van Putten bleef tot in de Franse Tijd (begin 19de eeuw) de hoogste bestuursambtenaar. In 1825 werd J.C.Sterkenburg benoemd tot burgemeester van Spijkenisse. Het inwoneraantal bedroeg toen ca. 1700.

Economische ontwikkelingen.

In het midden van de twintigste eeuw bestond de samenstelling van de bevolking uit ambachtslieden en boeren, die generaties lang afkomstig waren uit de nabijheid van Spijkenisse. Tot 1903 ligt de plaats op een eiland, zodat weinig verhuisbewegingen plaatsvinden.

In 1920 leed Nederland onder de inflatie van W.O.I De spijkenisser begroting was verachtvoudigd, men zat met een negatief saldo.
Positieve ontwikkelingen waren: de brug die in 1903 in gebruik was genomen en de komst van de stoomtram, die het dorp uit zijn isolement haalde.

In de jaren dertig belandde Spijkenisse in de sombere periode van de economische crisis. Veel seizoenwerkers zaten in de winter zonder werk en waren afhankelijk van "de steun".

Vervolgens brak W.O.II uit. In de polder verschenen luchtafweerkanonnen, er waren inkwartieringen, vorderingen van huizen, boerderijen en scholen, met distributie en verboden, met vergunningen en bedreigingen. Bij de Spijkenisserbrug werden anti-tankgrachten gegraven en bunkers en versperringen aangelegd.

Na de bevrijding was het leed nog niet geleden. Het haven- en Spuiwater bleken besmet met tyfusbacillen. het ontbreken van een goede waterleiding en riolering werd een ramp voor de verzwakte bevolking. Twintig inwoners overleden.

Na de oorlog werden de polders drooggemalen. Het dorp was met 2500 inwoners nog steeds klein. Ook in Hekelingen werd het gewone leven weer opgepakt. Vanaf 1917 waren Spijkenisse en Hekelingen (1000 inwoners.), twee aparte gemeenten met één burgemeester. In 1966 werden de twee gemeenten samengevoegd op verzoek van de gemeenteraad van Hekelingen.

Het dorp Spijkenisse met ca. 3700 inwoners is sinds de jaren zestig, onder burgemeesterschap van P.J.Bliek explosief gegroeid tot een grote stad.
Veel Rotterdammers vestigden zich in de gemeente door haar gunstige ligging bij de Rotterdamse havens, waar zij werkten. In 1976 telde Spijkenisse 32.000 inwoners.
Tijdens het burgemeesterschap van C.de Groen werd de plaats als groeikern aangewezen, binnen vijftien jaar moesten er 16.500 woningen gebouwd worden.
Momenteel telt de stad meer dan 70.000 inwoners. De bevolking is steeds verder gemêleerd door de instroom van grote groepen immigranten.

Ondanks het feit, dat de groei van Spijkenisse niet direct zorgde voor een echte stadse sfeer in het voormalige dorp, bleek de gemeente wel de problemen van grote steden te ervaren. Thans werkt de plaats hard aan het ontgroeien van haar status als groeikern, door het actuele Centrumplan: Een omvangrijk plan dat Spijkenisse een groter en divers centrum moet geven.

Bronnen: Wikipedia en Spijkenisse Online-Geschiedenis.



 © Kineo 2005-2017
begin | zoeken | forum | monitor | naamindex | links | contact