Online Begraafplaatsen
Een onderdeel van Stichting Online-Verleden
BeginZerken in de Dorpskerk Oud Beijerland

Zerken in de Dorpskerk, Kerkstraat 57, 3262 PG Oud-Beijerland

Begraafplaats:
Zerken in de Dorpskerk
Adres:
Kerkstraat 57
 
3262 PG Oud-Beijerland
Gemeente:
Hoeksche Waard
Provincie:
Zuid-Holland
Coördinaten:
51,824402 4,411103
Oppervlakte (plm.):
3.500 m²
Status:
Volledig (alle graven en personen ingevoerd)
Aantal graven:
Aantal personen:
Meest voorkomende namen:
Visser (3x), Hopsomer (2x), Robbe (2x), Slijckboer (2x), de Laet (2x), van Roijen (2x), van Royen (2x), Groosendr. (1x), Goudswaart (1x), Goose (1x)

Algemene Informatie

De geschiedenis van de Dorpskerk (thans PKN) in Oud-Beijerland begint al in de 16e eeuw. De Dorpskerk dateert uit 1567. Tussen de jaren 1538 en 1567 werd er een Rooms Katholieke kapel gebouwd die gewijd werd aan de Heilige Antonius van Padua.

De kerk bleef echter niet lang in katholieke handen. Zo'n tien jaar later op 17 april 1577 werd de kapel overgedragen aan de protestanten.

Grafzerken
Ter gelegenheid van herstellings- en verbeteringswerkzaamheden, aangevangen in augustus 1966, aan de dorpskerk van Oud-Beijerland, is het mogelijk geweest van een aantal grafzerken de opschriften op te tekenen.
De zerken, die tot dan toe door een houten vloer aan het gezicht werden onttrokken, werden zichtbaar, doordat een gedeelte van de vloer moest worden vernieuwd.
Al in 1926, bij de laatste uitbreiding van de kerk, zijn van een aantal zerken de opschriften opgenomen. (Nederl. Leeuw, maart 1926).

Van de helft van het totaal aantal zerken zijn nu, naar schatting, de opschriften bekend.
Alle zerken zijn thans weer door een houten vloer aan het gezicht onttrokken.
Een aantal van de blootgekomen zerken zijn opgenomen en elders in de kerk onder de vloer geplaatst.
Ten gevolge van vroegere verbouwingen zijn enkele zerken sterk beschadigd.
Van een aantal zerken kon het opschrift ten gevolge van slijtage niet meer worden ontcijferd.
Op enkele uitzonderingen na is van alle zerken de afbeelding op het wapenschild uitgehakt.
Dat dit gebeurd is, is bewezen uit de kerkrekeningen. De kerkrekening van 1795, toen Pieter van Doornen en Leendert Arians Verhagen kerkmeesters waren, vermeldt, dat aan Michiel Tempelaar, metselaar, is betaald f 40.2.8, voor het afnemen van rouwborden, het uithakken der zerken, zand, tras en arbeidsloon.
Aan R. Arrenberg en Zoon te Rotterdam, courantier, werd 7 gulden, 6 stuivers betaald wegens twee maal adverteren in de Leidse en Rotterdamse courant, met het afnemen der borden.
In 1796 brachten de rouwborden met een Iepenboom van het kerkhof, f 26.2.6 op.
Het nog in de kerk aanwezige rouwbord van Jacoba Catharina van Schoonhoven, is destijds bewaard gebleven, omdat deze ambachtsvrouwe in 1794 was overleden en het bord eerst in 1796 in de kerk werd geplaatst.


Gravinnehuisje
Lamoraal van Egmont, geboren in 1522 te Hamalde, een dorp in Henegouwen, was zonder twijfel één van de grootste mannen van zijn tijd. In zijn jeugd was hij page van Keizer Karel V. Hij diende in het leger van de Keizer en trouwde in 1545 met Sabina van Beieren. Hij is de bekende graaf die, samen met de graaf Horn, op 5 juni 1568 op de Grote Markt te Brussel, op last van Alva werd onthoofd. De gemalin van Egmont had, nadat zijn goederen verbeurd verklaard waren, met haar elf nog jonge kinderen toevlucht in een klooster gezocht. Na de Pacificatie van Gent in 1578 werden de goederen weer aan de familie teruggegeven.
In 1593 de bezittingen en de Heerlijkheidsrechten in handen van Sabina, de achtste van de elf kinderen van de Graaf van Egmont en Sabina van Beieren.
Op 14 maart 1595 (of 1596, het jaar is niet geheel zeker) huwde zij, als Sabina van Gaveren, gravin van Egmont, in Delft met de graaf: George Everhardt van Solms.
Zij overleed in 1614 te Delft, 52 jaar oud. Haar stoffelijk overschot werd in een grafkelder in een uitbouw van de kerk, het Gravinnehuisje, bijgezet.

De ondiepe kelder in het nieuwe (1925) Gravinnehuisje, waar de loden kist thans in geplaatst is, wordt door een zeer zware steen gedekt met het wapen van een latere Ambachtsheer, Jan de Cerff. Op het bord naast het graf van Sabina leest men het volgende tijdvers:
SabIIn Van EgMont WIIs, ooCk troV prInCes In ‘t LeVen StIerf IVnI tWIntICh een, ‘t LIICk rVst aLhIer beneVen.

Als men de Romeinse cijfers I i s 1, V is 5, W is 10, L is 50, C = 100 en M is 1000, samentelt, dan krijgt men in de eerste regel 1281, in de volgende 333. Samen 1614, haar sterfjaar. Onder het tijdvers staat: “Saligh sijn de dooden, die in den Heere sterven”. (Openb. 14:13).

Opgraving maakt onderzoek naar 17e eeuwse Oud-Beijerlander mogelijk
bron:HetKompas dd.29 jul 2021.

Bij archeologisch onderzoek tijdens het uitgraven van de bouwput voor de werkzaamheden van de verbouwing en aanbouw van het Oude Raadhuis in Oud-Beijerland is een bijzondere vondst gedaan.

Archeologen vonden 6 graven uit einde van de 16e of 17e eeuw. Eén graf bleek bijna volledig intact. Het gaat om 6 graven, die als gevolg van eerdere graafwerkzaamheden, voornamelijk in 1980, voor een deel beschadigd bleken te zijn. Eén graf was echter nog bijna volledig intact. Vanwege de grote wetenschappelijke waarde is de grafkist in zijn geheel uitgegraven en veiliggesteld. De overige begravingen zijn in de bodem behouden.

De komende tijd wordt de inhoud van de kist zorgvuldig blootgelegd en onderzocht. Met moderne onderzoekstechnieken kan het geslacht en de leeftijd van het individu worden vastgesteld. En kan worden bepaald of de overledene ziektes heeft gehad en wat de laatste maaltijd is geweest. En dat is uniek. Het is voor het eerst dat een 17e -eeuwse inwoner van Oud-Beijerland op deze manier kan worden onderzocht.

Op basis van de eerste onderzoeksresultaten kan worden geconcludeerd dat het kerkhof van Oud-Beijerland zich in ieder geval in de 17e eeuw verder in oostwaartse richting uitstrekte dan tot nu toe werd aangenomen. Waarschijnlijk werd dit deel van het kerkhof al in de 17e eeuw niet meer gebruikt, toen in die tijd voor een deel werd bestraat om het weggetje de Waterstal aan te leggen.

Omstreeks 1750 – 1800 werd een huis gebouwd dat ook voor een deel op de oude begravingen bleek te staan. Van deze bebouwing, die in 1980 werd afgebroken, zijn eveneens resten teruggevonden. Daarnaast kon worden vastgesteld dat in de 17e eeuw de Vliet in dit onderzochte deel ongeveer 2 meter breder was dan nu.


bronnen:
-Grafzerken in de Ned. Hervormde Kerk van Oud-Beijerland door P. Doolaard, eerder gepubliceerd in "Ons Voorgeslacht", jrg. 23 (1968)
-Wikipedia
-http://www.hervormdoudbeijerland.nl/
-website historische vereniging Oud-Beijerland.
-Het Kompas van 27 juli 2021

begin | zoeken | forum | monitor | naamindex | links | contact